Iedere voetballer op welk niveau dan ook, heeft één of meerdere tics. Zo zijn er voetballers die altijd eerst de linkerschoen aantrekken en dan pas de rechter, de ander verlaat pas als laatste de kleedkamer en de volgende maakt een kruisje als hij het speelveld op komt lopen.

De tic die ik heb of had als voetballer? Bij welke club waar ik ook kwam of nu nog steeds kom, op welk niveau dan ook, keek of kijk ik altijd naar de doelnetten. Het is een overgewaaide tic van mijn vader, die let er namelijk ook altijd op.

Magisch voor mij, om te zien waar die bal nou in moet gaan om het ouderwetse woord ‘hangen’ te kunnen roepen. Ik weet zeker dat ik bij alleen maar het zien van de doelnetten van alle Eredivisie en de Jupiler League clubs feilloos kan opsommen in welk stadion deze te bewonderen zijn.

Het doel en de daarbij behorende netten heb je in allerlei kleuren, maten en mazen. Helaas zie je de authentieke netten verdwijnen. Geen haringen meer in de grond geslagen met een hamer, maar voorgefabriceerde netten die aan stangen zijn bevestigd, zodat deze na de wedstrijd omhoog gezet kunnen worden om het rotten tegen te gaan. De ouderwetse winkelhaken verdwijnen ook.

Iedere voetballer zal beamen dat de mooiste doelnetten, de diepste netten zijn. Het liefst spierwit. Het aanschouwen van de bal die in zo'n doel beland… Precies in de kruising en dan smalend van genot zien hoe tergend langzaam de bal het net kussen doet en zich erin laat verdwijnen, de keeper die dan dat lange doel in moet lopen om zijn nederlaag te erkennen. Pure voetbalerotiek!

Let maar eens op, bij Atlético en Real Madrid weten ze precies wat ik bedoel met deze ode aan het doelnet.